Branche Vereniging Organische Reststoffen

bvor

Biomassa

Houtige biomassa voor energieproductie

Groenafval bevat een aanzienlijk deel houtig materiaal, onder meer snoeihout, boomstobben en hout afkomstig van omvormingen van terreinen. Sinds een aantal jaren wordt een groot deel van dit materiaal opgewerkt tot brandstof voor bio-energiecentrales. De belangrijkste brandstofvormen zijn houtchips en houtshrips (shreds). Ook wordt een beperkt deel van het hout ingezet als grondstof voor torrefactie en pyrolyse processen.
biomassaDe BVOR heeft in 2008 het Convenant Schone en Zuinige Agrosectoren ondertekend. Hierin heeft zij zich met andere partijen uit de natuur-, bos-, landschap- en houtsector gecommitteerd aan het gezamenlijk aan de markt beschikbaar stellen van 32 PJ biomassa in 2020. Een dergelijke ambitie is onderstreept in het in 2013 ondertekende Houtconvenant.

De BVOR onderneemt hiervoor verschillende activiteiten, onder meer rond het thema ‘kwaliteitsborging van houtbrandstoffen’. Hierover heeft zij verschillende handreikingen en factsheets gepubliceerd (zie hiernaast). Daarnaast is duurzaamheid van gebruikte biomassa een belangrijk thema. Een aantal BVOR-leden is conform BetterBiomass (voorheen NTA 8080) gecertificeerd.

Concurrentie om hout: grondstof voor compostproducten of brandstof

Inzet van hout als brandstof is aantrekkelijk door de SDE+ subsidie die bio-energiecentrales ontvangen voor de geproduceerde hernieuwbare energie. Deze subsidie verhoogt de waarde van de houtige brandstof. Voor partijen die organische reststromen opwerken is dit een aantrekkelijke inkomstenbron.
De keerzijde is dat door het gebruiken van snoeihout voor brandstof er veel minder hout overblijft als structuurmateriaal in het composteerproces. Hierdoor wordt het moeilijker om goede kwaliteit compostproducten te maken. Dit probleem doet zich vooral voor bij de productie van de meest hoogwaardige compostproducten, namelijk voor potgrondsubstraten.

In november 2011 heeft de BVOR met de Rijksoverheid de Green Deal Veenvervanging gesloten. Binnen de Green Deal worden de mogelijkheden onderzocht om te komen tot marktcondities waarbij de inzet van snoeihout voor de productie van bio-based potgrondsubstraat kan concurreren met de inzet van snoeihout voor energieproductie. Wanneer dat het geval is, kan een substantiële toename van de productie van bio-based potgrondsubstraten plaatsvinden (hoogwaardige compostproducten). Tegelijkertijd neemt dan de afhankelijkheid van fossiel veen voor deze toepassing af.
Green Deal Maximalisatie Veenvervanging

Gerelateerde publicaties

Naar kenniscentrum