Branche Vereniging Organische Reststoffen

bvor

Organische Reststromen

BVOR bedrijven werken verschillende typen organische reststromen op. De belangrijkste reststromen zijn groenafval en gft-afval. In het Landelijk Afvalbeheerplan 2 zijn deze stromen als volgt gedefinieerd:

Typen organische reststromen

Groenafval is het organisch materiaal dat vrijkomt bij de aanleg en onderhoud van openbaar groen, bos- en natuurterreinen en al het afval dat hiermee te vergelijken is, zoals grof tuinafval, berm- en slootmaaisel, afval van hoveniersbedrijven, agrarisch afval en afval dat vrijkomt bij de aanleg en onderhoud van terreinen van bedrijven en instellingen.

Gft-afval ofwel groente-, fruit- en tuinafval is al het ingezamelde organische afval van huishoudens en daaraan gelijk te stellen bedrijfsafval (analoog gft).

Marktonderzoeken

De BVOR voert ieder jaar een marktonderzoek uit naar de opwerking van groenafval. Dit marktonderzoek brengt hoeveelheden groenafval in kaart, welke producten hieruit worden gemaakt en wat de afzetmarkten zijn. Het marktonderzoek wordt samengevat in een artikel. U kunt in de rechterbalk de laatste marktonderzoeken downloaden. Gegevens van voorgaande jaren zijn terug te vinden in het kenniscentrum op deze website.

Innovatiegericht aanbesteden van groenafval

De BVOR heeft in november 2014 de Handreiking Duurzaam Aanbesteden Groenafval uitgebracht. Deze Handreiking geeft  aanbestedende diensten handvatten om groenafval op duurzame wijze aan te besteden, dat wil zeggen leidend tot duurzame opwerking van groenafval. Het kan daarbij gaan om integraal groenafval of om deelstromen uit groenafval (bijvoorbeeld bermgras).

Beleidsambities met betrekking tot de biobased economy en de circulaire economie leiden tot een herwaardering van organische reststromen. Niet langer worden deze stromen als ‘waardeloos afval’ gezien, maar veel meer als potentiële grondstoffen voor nuttige toepassingen.

De handreiking beschrijft allereerst het relevante wettelijk kader voor aanbestedingen voor de opwerking van groenafval. Daarna behandelt zij  strategische keuzes bij dergelijke aanbestedingen en doet zij een aantal aanbevelingen voor het proces van aanbesteding.
De Handreiking gaat vervolgens uitgebreid in op ‘duurzaamheid van opwerking van groenafval’. Zij presenteert verschillende definities van duurzame opwerking en geeft aan hoe men deze definities in de praktijk van een aanbesteding kan operationaliseren. Afhankelijk van de beleidsambities van een aanbestedende dienst kan deze kiezen voor een bepaalde definitie of een combinatie. Voorbeelden zijn ‘maximalisatie van CO2-winst’ of ‘maximale bijdrage aan de circulaire economie’.
De handreiking en de samenvattende factsheets zijn in de rechterkolom te downloaden.

Om de inhoud hiervan bredere bekendheid te geven worden in 2015 een aantal workshops gehouden voor beleidsmakers en inkopers van overheden. De BVOR organiseert deze workshop samen met het Ministerie van Economische Zaken, het expertisecentrum aanbesteden PIANOo, en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

 

Gerelateerde publicaties

Naar kenniscentrum