Branche Vereniging Organische Reststoffen

bvor

Invasieve exoten

Certificaat ‘erkende verwerker invasieve exoten’

Het certificatieschema ‘erkende verwerker invasieve exoten’ richt zich op de gecontroleerde compostering van plantenresten afkomstig van invasieve exoten. Het schema stelt eisen aan de procescondities en de kwaliteitsborging in composteerbedrijven. Deze eisen zijn strenger dan de wettelijke eisen en garanderen dat plantenresten en zaden van invasieve exoten onschadelijk worden gemaakt. Dit voorkomt verdere verspreiding. De eisen in het schema zijn door de BVOR afgestemd met de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en experts van Wageningen Universiteit.

Sinds 1 september 2015 kunnen composteerbedrijven het certificaat ‘erkende verwerker invasieve exoten’ behalen.  Een ter zake kundige onafhankelijke certificeringsinstelling moet hiervoor bij het composteerbedrijf een audit uitvoeren waarbij het bedrijf aantoont dat het aan alle eisen en voorwaarden van het certificaat voldoet.

Inmiddels is een aantal bedrijven gecertificeerd. Hun contactgegevens zijn te vinden in onderstaand register. Ook andere locaties treffen voorbereidingen om zich te laten certificeren.

Het certificaat komt tegemoet aan de toenemende behoefte van terreinbeheerders en andere ontdoeners van plantenresten om plantenresten met (risico op) invasieve exoten op verantwoorde wijze onschadelijk te laten maken.

Wat zijn invasieve exoten?

Invasieve exoten zijn planten die van nature niet in Nederland voorkomen en zich door hun explosieve groei snel verspreiden in openbaar groen en in het landschap. Voorbeelden zijn de Japanse duizendknoop, de Reuzenberenklauw en de grote waternavel. Ze verdringen andere plantensoorten en kunnen funderingen en dijklichamen aantasten.

De planten kunnen zich zo snel verspreiden omdat ze in grote hoeveelheden zaden aanmaken die lang kiemkrachtig blijven. Zelfs wanneer ze zijn gemaaid, blijven de zaden vaak actief waardoor deze kunnen uitgroeien tot nieuwe planten. Daarnaast groeien afgemaaide stengels weer uit tot volwaardige planten. Een ander groot verspreidingsrisico is het onderwerken van maaisels en het afvoeren van grond waar nog wortelresten in zitten. Op deze manier kunnen invasieve exoten zich relatief gemakkelijk elders vestigen.

 

Gerelateerde publicaties

Naar kenniscentrum

banners

ledeninlog